Risotto met paddenstoelen en zeebarbeel

15 25 0 5
Aantal personen:
  • 4 grote filets van zeebarbeel (met vel)
  • 200 gr risottorujst (carnaroli)
  • 60 cl kippenbouillon
  • 2 sjalotten (fijngehakt)
  • 2 teentjes knoflook (fijngehakt)
  • 1 tomaat
  • 250 gr witte Parijse paddenstoelen
  • 1 eetlepel fijngehakte platte peterselie
  • 1 klontje solo
  • olijfolie
  • peper & zout (pezo)
  1. Voor een optimale smaak koop je best de visfilets met vel.
  2. Schil en ontpit de tomaat en snijd het vruchtvlees in blokjes. Warm ondertussen de kippenbouillon op. Giet een streepje olijfolie in een pot met dikke bodem. Voeg de sjalot toe en laat op een zacht vuurtje gedurende 2 minuten aanfruiten. Voeg de rijst en de knoflook toe aan de sjalot. Laat 30 seconden al roerend zacht bakken tot de rijst glazig wordt. Giet dan de warme kippenbouillon bij de rijst. Voeg het tomatenvlees toe, peper en zout en breng al roerend aan de kook. Zet dan het deksel op de pot en laat op zeer zacht vuur 15 minuten koken. Maak de paddenstoelen schoon en snijd ze in schijfjes. Bak op hoog vuur in een klontje boter gedurende 2 minuten. Peper de paddenstoelen maar zout ze niet. Bak de gezouten en gepeperde visfilets gedurende 3 minuten langs elke kant in olijfolie in een pan met antikleeflaag. Voeg de paddenstoelen toe aan de risotto. Bestrooi met gehakte peterselie. Giet een stevige scheut zeer goede olijfolie bij de rijst. Meng zeer grondig. Verdeel de rijst over warme diepe borden. Leg op elk bergje rijst een gebakken visfilet.
Victor S.