Lamskoteletjes in een tomaten-sinaasappelsaus met couscous

10 30 Lage moeilijkheid 0 5
Aantal personen:
  • 400 g snelklaar couscous
  • 1.5 el bouillonpoeder
  • 12 worteltjes
  • 2 grote uien
  • 2 courgettes
  • 5 grote tomaten
  • 1 sinaasappel
  • 500 g lamskoteletjes
  • paprikapoeder
  • milde kerriepoeder
  • 4 el Solo Vloeibaar
  1. Bereid de couscous volgens de aanwijzingen op de verpakking. Gebruik een mespuntje bouillonpoeder in plaats van zout. Schrap de worteltjes, pel de uien, maak de courgettes schoon en was de tomaten. Hak 2 tomaten en een 1/2 ui fijn. Snijd de overige 3 tomaten en de courgette in plakken en andere helft van de ui in ringen.
  2. Doe de uiringen en de worteltjes in een stoommandje en strooi er een mespuntje bouillonpoeder over. Neem een pan waarop het stoommandje goed past, giet er water in en breng aan de kook. Doe het stoommandje bovenop de pan, sluit af met een passend deksel en stoom 10 minuten. Voeg dan de courgette- en tomatenplakjes toe en stoom nog eens 10 minuten.
  3. Boen de sinaasappel schoon onder stromend water. Rasp de schil fijn. Halveer de sinaasappel en pers deze uit. Bestrooi de lamskoteletjes met een beetje bouillonpoeder, 1/2 theelepel paprikapoeder en 1 theelepel kerriepoeder.
  4. Laat een grote pan op hoog vuur heet worden. Spuit de vloeibare margarine in de pan en voeg daarna de lamskoteletjes toe. Bak 1 minuut aan elke kant. Voeg de fijngesnipperde ui toe en bak nog eens 2 minuten. Voeg de sinaasappelrasp, 1 theelepel kerriepoeder, de rest van de bouillonpoeder en de gehakte tomaten toe. Bak 1 minuut en schud de pan af en toe.
  5. Voeg het sinaasappelsap toe en breng aan de kook. Haal het vlees uit de pan en houd warm. Kook de saus een paar minuten totdat deze is ingekookt. Voeg naar smaak peper, bouillonpoeder en kerrie- en paprikapoeder toe.
  6. Schep de couscous in het midden van 4 voorverwarmde borden. Schep de groente erbovenop en de lamskoteletjes ernaast. Schep een beetje saus over de groente en het vlees. Serveer de rest van de saus apart erbij.
Solo